Wat is grote Shirk precies?

Je vraagt je wellicht af wat grote Shirk is en wat het gevaar is van deze zonde. Ja, het is de grootste zonde van Islam, maar wat voor gevaren brengt het een persoon die het pleegt? Doet het een moslim uit de religie treden, en zijn er bepaalde excuses? Je komt hier alles over te weten in dit artikel.

Toekennen van partners aan Allah

Om om de hoogte te kunnen zijn van Shirk, moet je weten wat het betekent. Zo is Shirk de allergrootste zonde in Islam. Het toekennen van partners aan Allah in aanbidding, wordt gezien als grote Shirk. Wanneer je dus bijvoorbeeld een recht van Allah aan een ander geeft, dan heb je dat object of persoon als partner toegekent aan Allah.

Verschil tussen grote ongeloof en grote vorm van afgoderij

Grote ongeloof, oftewel grote Kufr, is niet hetzelfde als grote Shirk. Het grote verschil tussen deze twee is dat dat Shirk te maken heeft met het toekennen van partners aan Allah en grote Kufr niet.

Bij grote Kufr pleeg je daden of geloof je iets dat per direct te maken heeft met het aanbidden van een ander naast Allah. Zo heb je het verlaten van het gebed dat een daad is van grote Kufr, of het haten van een Sunnah. Deze daden zijn dus afzonderlijk van partners toekennen aan Allah.

Belang bij het vermijden van Shirk

Waarom zijn moslims dan zo bang om grote Shirk te plegen? Dat komt omdat het een daad is die een moslim uit de religie doet treden. Het is bovendien een daad die niet vergeven wordt wanneer een persoon ermee komt te sterven. Dat is de reden waarom moslims bang zijn om die daad te verrichten.

De boodschap van de profeten

Allah geeft meerdere malen in de Quran aan dat er boodschappers zijn gestuurd naar volkeren. Die boodschappers zijn gestuurd om de Eenheid van Allah te verkondigen aan de mensen, want zij hebben hun natuurlijke aanleg (Fitrah) losgelaten om hun afgoden te aanbidden.

Zo stuurde Allah verschillende boodschappers om hen te waarschuwen van hun daden en dat er een grote bestraffing te wachten staat voor de afgodendienaars.

Neem als voorbeeld de tijd van Noeh 'alayhi salam waar hij tegen zijn volk zei:

En voorwaar, Wij stuurden Noah naar zijn volk (en hij zei): “Ik ben tot jullie gekomen als een duidelijke waarschuwer. Dat jullie geen ander dan Allah aanbidden, zeker, ik vrees voor jullie de bestraffing op een pijnlijke Dag.” De stamhoofden van de ongelovigen onder zijn volk zeiden: “Wij zien in jou als een man net als onszelf, en wij zien dat niemand jou volgt, behalve de minsten onder ons en zij volgen je zonder na te denken. En wij zien in jou geen voordeel voor ons, eigenlijk denken wij dat je een leugenaar bent.”
Koran (11:25-27)

Naarmate de jaren verstreekten, beoefenden veel mensen op aarde afgoderij. Deze daad kwam in praktijk toen telkens wanneer één van de goede mensen stierf, hun beelden werden gemaakt om een herinnering te houden. de komende generaties begonnen de standbeelden te aanbidden, door die als goden te behandelen. Ze geloofden dat deze valse goden: hen goed zouden brengen, hen zouden beschermen tegen het kwade en al hun behoeften zouden vervullen. Ze gaven hun standbeelden namen zoals Waadan, Nasran enzovoort. Oorspronkelijk waren dit de namen van goede mensen die onder hen hadden gewoond.

Het volk waar Noeh naartoe werd gestuurd was een volk die standbeelden aanbaden. Ze waren arrogant en ze zagen Noeh als een leugenaar. Noeh 'alayhi salam bleef verkondigen dat alleen Allah het recht heeft om aanbeden te worden en dat ze hun afgoden moeten afwijzen. Noeh 'alayhi salam had een klein groepje die was bekeerd en hij deed dit voor 950 jaar.

Verhaal van Noeh a.s

Het volk van Noeh pleegden grote Shirk, want zij kenden partners toe aan Allah. Ze deelden het recht van Allah (om aanbeden te worden) met hun valse goden. Het volk van Noeh geloofden dat de standbeelden die ze aanbaden hen: konden helpen, beschermen en schenken in het goede, terwijl alleen Allah dit kan.

Toen de profeet Ibrahim debatteerde met een regeerder:

Heb jij niet nagedacht over degene die met Ibrahim redetwistte over zijn Heer, omdat Allah hem het koninkrijk gegeven had? Toen Ibrahim tegen hem zei: “Mijn Heer is Degene Die het leven geeft en doet sterven.” Hij zei: “Ik doe leven en sterven.” Ibrahim zei: “Waarlijk! Allah laat de zon in het Oosten Opkomen, laat u hem dan van het Westen opkomen.” De ongelovige zweeg toen van verbazing. En Allah leidt niet de mensen die onrechtvaardig zijn.
(Baqara, 258)

De regeerder voelde verloren toen Ibrahim 'alayhi salam zei: "God brengt de zon op vanuit het oosten, breng jij het dus vanuit het westen.". De regeerder voelde verloren, omdat hij wist dat hij de zon niet op kon doen vanuit het westen, want daar heeft alleen Allah de macht over. De regeerder probeerde Ibrahim 'alayhi salam over te halen dat hij god is. Ibrahim 'alayhi salam geloofde hem niet en hij gaf de regeerder vragen waar hij wist geen god te kunnen zijn. De regeerder gaf het recht van Allah (Heerschappij en Macht) aan zichzelf, en daardoor verrichtte hij grote Shirk.

Hoe Ibrahim 'alayhi salam afgoderij vermeed

Waarlijk, ik heb mijn aangezicht gekeerd tot Hem Die de hemelen en de aarde heeft Geschapen, als ‘Hanif’ en ik behoor niet tot degenen die anderen naast Allah aanbidden.”
(Surah Al-An'am, 79)

En (gedenk) toen Ibrahim zei: “O mijn Heer! Maak deze stad (een stad) van vrede en veiligheid, vermijd dat ik en mijn zoons afgoden zullen aanbidden.
(Surah Ibrahim, 35)

Toen hij (Ibrahim) tegen zijn vader zei: “O mijn vader! Waarom aanbidt jij datgene wat niet hoort of ziet, noch waar jij iets van krijgt?
(Soera Maryam, 42)

Ziet! hij (Ibrahim) zei tegen zijn vader en zijn volk: "Wat zijn deze beelden, waaraan u zo gehecht bent?". Zij zeiden: “Wij aanbidden afgoden en aan hen zijn wij altijd toegewijd.” Hij zei: “Horen zij jullie als jullie (hen) roepen? Of hebben jullie er baat bij of schaden zij (jullie)?”. Zij zeiden: “Nee, maar onze vaders deden het ook.”. Hij zei: “Hebben jullie datgene wat jullie aanbidden goed bekeken?", Jullie en jullie voorvaders?". Waarlijk, zij zijn een vijand voor mij, (ik aanbid niemand) behalve de Heer der Werelden.
(Surah Ash-Shuara, 70 - 77)

Toen hij tot zijn vader en zijn volk zei: “Wat zijn dit voor beelden waar jullie zo toegewijd aan zijn?”
(Surah Al-Anbiya, 52)

Zij zeiden: “Wij vonden dat onze vaderen hen aanbaden.”
(Surah Al-Anbiya, 53)

Hij zei: “Voorwaar jullie en jullie vaderen maken een duidelijke fout.”
(Surah Al-Anbiya, 54)

De vader van Ibrahim a.s was een persoon die standbeelden (afgoden) maakte om te verkopen. Hij heette Azar en hij behoort tot de ongelovigen, omdat hij een veelgodenaanbidder was. Hij gaf de beelden het recht dat alleen Allah Heeft (Aanbidding Uluhiyyah).

Verhaal van Ibrahim a.s
Wat we kunnen halen uit de twee profeetverhalen

Uit de twee profeetverhalen kunnen we zien dat de volkeren van de profeten in een negatieve toestand zaten. De profeten kwamen om ze te waarschuwen alleen Allah te aanbidden en niemand anders. De Enige die het recht heeft om aanbeden te worden. Hij is De Schepper van alles en iedereen en Hij Heeft de macht over Zijn Schepping en niemand anders naast Hem. Hij bezit prachtige Namen en Eigenschappen die alleen tot Hem behoren. Eenieder die het recht van Allah (Namen/Attributen, Heerschappij, Aanbidding) weggeeft of deelt met een ander naast Allah, heeft grote Shirk begaan.

Enkele voorbeelden van grote Shirk
  1. Zeggen/Geloven dat een ander naast Allah, De Schepper is. (Tawheed Rububiyyah)
  2. Zeggen/Geloven dat een ander naast Allah de macht heeft over de schepping. (Tawheed Rububiyyah)
  3. Het geven van Zijn Namen aan een ander. Zoals het zeggen: "mijn vriend is Ar-Rahmaan (De Meest Genadevolle)." Die uitspraak zou grote Shirk zijn. Ookal gelooft iemand er niet in. (Tawheed Asma Wa Sifaat)
  4. Aanbidden van iemand in liefde en gehoorzaamheid. iemand meer liefhebben dan Allah, of iemand liefhebben op dezelfde niveau als dat van Allah, gehoorzamen en geloven in tegenstrijd van wat Allah Zegt. (Tawheed Uluhiyyah)

Mensen die Shirk plegen in de Tawheed van Allah, zijn ongelovigen. Dit zien we terug in de verhalen van de profeetverhalen en de talloze Quran verzen over gebeurtenissen van volkeren waar grote Shirk werd gepleegd.

Waarlijk, Allah vergeeft het niet als er met Hem deelgenoten worden aanbeden, maar daarnaast vergeeft Hij wat Hij wil, en iedereen die Allah deelgenoten toekent, heeft zeker een afschuwelijke zonde begaan.
[Soera-Nisa' 4:48]

Weet dat Allah de zuivere aanbidding toekomt. En degenen die helpers naast Hem nemen (zeggen): “Wij aanbidden hen alleen maar zodat zij ons dichterbij Allah kunnen brengen.” Waarlijk, Allah zal tussen hen oordelen over datgene waarover zij van mening verschillen. Waarlijk, Allah leidt de leugenaar en de ongelovigen niet.
[az-Zumar 39: 3]

De ongelovigen geloofden dat de standbeelden hen dichter bij Allah zouden brengen. Ze pleegden grote Shirk, omdat ze de aanbidding niet (alleen) naar Allah toekenden.

Er is geen excuus van onwetendheid (Al 'Udhr bi Jahl) in grote Shirk

Er is geen twijfel aan dat het aanbidden van een ander naast Allah gelijk staat tot de grote vorm van afgoderij. Zo zijn we allemaal geschapen met een natuurlijke aanleg (Fitrah). Een aanleg die ons grote Shirk doet laten herkennen wanneer we de daad zien of horen. Zo heb je dus geen kennis nodig van boeken of andere zaken. De basis van de Tawheed is het herkennen en verwerpen van Shirk.

Abu Huraira verteld:
Allah's boodschapper zei: "Elk kind wordt geboren met een fitrah (dat wil zeggen niemand aanbidden behalve Allah) , maar zijn ouders bekeren hem tot het jodendom, het christendom of het magainisme, zoals een dier een perfect baby-dier levert. Is het ooit misvormd?" Toen reciteerde Aboe Hoeraira de heilige verzen: "En richt je aangezicht naar de godsdienst als een aanhanger van het zuivere geloof, de van Allah afkomstige aanleg die Hij de mensen ingeschapen heeft (natuurlijke aanleg). God's schepping is niet te veranderen. Dat is de juiste godsdienst, maar de meeste mensen weten het niet. " (Quran 30:30)
(Sahih al-Bukhari Boek 23 Hadith 441)

Het volgen van de Fitrah zal leiden tot het afschuwen van Shirk. Zo hebben we deze gekregen om ervan weg te blijven, zelf als we geen bronnen kennen van de religie. Het is kennis die we allemaal automatisch hebben gekregen van Allah toen we nog eens waren gekomen in deze wereld.

En (gedenk) toen jullie Heer het nageslacht van de Kinderen van Adam uit hun lendenen nam, en hen deed getuigen over zichzelf (zeggende): “Ben Ik niet jullie Heer?” Zij zeiden: “Ja! Wij getuigen” zodat jullie op de Dag der Opstanding niet zullen zeggen: “Waarlijk, wij wisten dit niet.”
(7:172 Quran)

De test op Dag des Oordeels

Er zijn mensen die claimen dat de onwetenden getest zullen worden op Dag des Oordeels. Zo halen ze de vers uit surah Iraa vers 15 naar voren om aan te duiden dat niemand getest wordt zonder een boodschapper gekregen te hebben (ter verkondiging van de boodschap en waarschuwing van Shirk).

De tijd van de tussenperiode, oftewel Ahl Fatrah, zullen inderdaad getest worden op Dag des Oordeels. Zo zullen ze hopen een excuus te krijgen van Allah vanwege de situatie.

Krijgen de onwetenden een excuus van Allah?

De onwetenden worden ook wel gezien als de mensen van Ahl Fatrah. Alhoewel er mensen zijn die claimen dat er nog mensen zijn die behoren tot deze groep mensen, is het niet helemaal waar wat ze zeggen. Ahl Fatrah staat voor groep van de tussenperiode.

Het is een specifieke groep mensen die leefden na de dood van 'Isah 'alayhi salam en de profeetschap van Mohammed SalaAllahu 'Alayhi wa Salam. Zij staan bekend als de mensen van de tussenperiode, en die mensen zullen getest worden op Dag des Oordeels.

Krijgen de mensen van de tussenperiode dan ook een excuus? De vrome voorgangers geloven van niet. De mensen na de gouden eeuwen geloven van wel.

De mensen die geloven dat onwetenden excuus zullen krijgen zijn onder andere: Ibn Taymiyyah en Ibn Qayyim. En de mensen die geloven dat de onwetenden geen excuus krijgen zijn onder andere: Yahya ibn Salaam en Hasan al Basri.

Het is opgenomen in de Tafsir 2/658 van Yahya ibn Salaam dat er vier groepen zullen zijn die getest zullen worden op Dag des Oordeels:

Athar in Arabisch
وَحَدَّثَنِي قُرَّةُ بْنُ خَالِدٍ، عَنِ الْحَسَنِ، قَالَ: أَرْبَعَةٌ يُرَجُّونَ الْعُذْرَ يَوْمَ الْقِيَامَةِ: مَنْ مَاتَ قَبْلَ الإِسْلامِ، وَمَنْ أَدْرَكَهُ الإِسْلامُ وَهُوَ هَرِمٌ قَدْ ذَهَبَ عَقْلُهُ، وَمَنْ وَلَدَتْهُ أُمُّهُ لا يَسْمَعُ الصَّوْتَ، وَالَّذِي يَتَخَبَّطُهُ الشَّيْطَانُ مِنَ الْمَسِّ، فَكُلُّ هَؤُلاءِ يُرَجُّونَ الْعُذْرَ يَوْمَ الْقِيَامَةِ، قَالَ: فَيُرْسِلُ اللَّهُ تَبَارَكَ وَتَعَالَى إِلَيْهِمْ رَسُولا، فَيُوقِدُ نَارًا فَيَأْمُرُهُمْ أَنْ يَقَعُوا فِيهَا فَمِنْ بَيْنِ وَاقِعٍ وَمِنْ بَيْنِ هَارِبٍ.

Athar in Nederlands
Hasan al Basri leverde over: Vier hopen op excuus op de Dag der Opstanding: Wie stierf voordat de Islam kwam, de oude man, de dove en de gestoorde persoon. Zij zullen hopen op een excuus op de Dag der Opstanding, dus God zal hen een Boodschapper sturen die zal zeggen: Ik beveel jullie het Vuur binnen te gaan. En sommigen zullen gehoorzamen en anderen niet.

De commentaar van Yahya ibn Salaam op deze Athaar over de vier groepen op Dag der Opstanding:

Commentaar in Arabisch:
قَالَ يَحْيَى: بَلَغَنِي أَنَّهُ مَنْ وَاقَعَهَا نَجَا مِنَ النَّارِ، وَمَنْ لَمْ يَقَعْهَا دَخَلَ النَّارَ. قَالَ يَحْيَى: نَرَى أَنَّ الَّذِي يَنْجُو مِنَ النَّارِ: مَنْ وَلَدَتْهُ أُمُّهُ لا يَسْمَعُ الصَّوْتَ، وَالَّذِي يَتَخَبَّطُهُ الشَّيْطَانُ مِنَ الْمَسِّ، وَالاثْنَانِ الآخَرَانِ لَيْسَ لَهُمَا عُذْرٌ: الَّذِي مَاتَ قَبْلَ الإِسْلامِ، وَمَنْ أَدْرَكَهُ الإِسْلامُ وَهُوَ هَرِمٌ قَدْ ذَهَبَ عَقْلُهُ، وَهُوَ قَوْلُ اللَّهِ عَزَّ وَجَلَّ: {إِنَّهُمْ أَلْفَوْا آبَاءَهُمْ ضَالِّينَ {69} فَهُمْ عَلَى آثَارِهِمْ يُهْرَعُونَ {70} } [الصافات: 69-70] .

Tafsir 2/658 van Yahya ibn Salaam

Commentaar in Nederlands
Yahya ibn Salaam zei: Het werd me verteld dat degene die het Vuur binnengaat, uit het Vuur zal komen, en wie het niet binnengaat, het Vuur in zou gaan.

Wij geloven dat degenen die excuus zullen krijgen: Degenen die doof is en de persoon die gestoord/gek is.

De overblijvende twee groepen hebben geen excuus: die stierf voordat de Islam kwam en de oude man omdat Allah zegt: Waarlijk, zij vonden inderdaad hun voorvaders in dwaling. Dus haastten zij zich (ook) in hun voetstappen. [As-Saffat 69-70]. Tafsir 2/658 van Yahya ibn Salaam

Er is dus geen excuus van onwetendheid voor grote Shirk

Dat is het begrip van de vrome voorgangers zoals boven is beschreven. En voor ieder die iets anders wilt volgen dan de vrome voorgangers van Islam, is het hun keus. De redding zit zich bij het vastklampen van waar de Salafu Saliheen zich op bevonden. Grote Shirk is gekend bij de natuurlijke aanleg, dus niemand kan er onwetend over zijn. Dat is wat Ahlu Sunnah geloven.

Hoe zit het met de mensen die onbewust zijn van hun daden?

Het was overgeleverd uit 'Aishah dat de profeet zei:
"De pen is opgeheven van drie (niet geregistreerd): van de slaper tot hij wakker wordt, van het kind tot hij puber wordt, en van de krankzinnige totdat hij weer bij zinnen komt of herstelt."
(Sunan An-Nasa'i Book 27, Hadith 44)

De mensen die onbewust zijn van hun daden hebben dus een excuus. Zij zullen niet bestraft worden voor de dingen die ze buiten hun bewustzijn doen. Dat is de rechtvaardigheid van Allah, en niemand is rechtvaardiger dan Hij.

Samenvatting

Grote Shirk is de zonde in Islam die een persoon uit Islam haalt. Grote Shirk speelden veel voor in de tijd van de profeten waar volkeren massaal Shirk pleegde. Zo gaf ik als voorbeeld het verhaal van Noeh 'alayhi salam, waar hij mensen de boodschap verkondigde van Tawheed. De mensen in zijn tijd aanbaden standbeelden. Ze geloofden dat deze standbeelden hen goeds konden geven en dat ze hen konden beschermen etc. Elk persoon weet dat het volk van Noeh 'alayhi salam grote Shirk pleegde, omdat de Fitrah ons zegt dat deze mensen het recht van Allah (aanbidding) weggaven aan een ander. Noeh 'alayhi salam bleef de boodschap verkondigen voor 950 jaar. Slechts een kleine groep volgden zijn boodschap.

Ibrahim 'alayhi salam was een profeet die sinds jongs af aan al wist dat de beelden geen god konden zijn. Hij wist dit toen hij zeven jaar was en dat het belachelijk is te aanbidden wat is gemaakt door een mens. Ibrahim 'alayhi salam was in constante opstand van wat het volk deed aan grote Shirk. Hij stelde zijn volk telkens logische vragen zoals: "Horen deze standbeelden jou?", "Kunnen ze praten?", "Kunnen ze iets doen?". Hij vroeg ook: "Waarom aanbidden jullie iets dat niet kan horen en niks voor jullie kan doen?". Dit vroeg hij allemaal toen hij nog jong was. Hij kreeg vervolgens profeetschap van Allah, en hij waarschuwde zijn vader om alleen Allah te aanbidden en Hem geen partners toe te kennen. Ibrahim 'alayhi salam ging met zijn neefje Loeth 'alayhi salam (die Ibrahim 'alayhi salam geloofde en volgde) naar een ander land waar ze uiteindelijk splitsten van elkaar. Loeth 'alayhi salam ging naar een ander volk en hij kreeg profeetschap van Allah.

Grote Shirk kent geen excuus van onwetendheid. Eenieder weet wat grote Shirk inhoudt en welke daden allemaal grote Shirk zijn (als de inhoud van de daad bekend is). Iedereen heeft een Fitrah van Allah gekregen. De Fitrah moet gebruikt worden om Shirk te herkennen, zodat we er niet in vallen. Voorbeelden van grote Shirk zijn: aanbidden van een steen, Naam van Allah aan een ander geven en geloven of zeggen dat iemand naast Allah De Schepper is etc. Deze grote Shirk daden worden logisch als een persoon de Fitrah gebruikt om Shirk daden te herkennen. Je hebt geen Quran, Ahadith of geleerde nodig om Tawheed te begrijpen en te weten. Was het wel zo geweest, dan zou iemand uit de bergen die nooit van: Quran, Ahadith of geleerde heeft gehoord geen moslim kunnen zijn. En Islam kent verhalen van mensen die niet van deze zaken afwisten, maar alsnog moslims werden. Net als het bekende verhaal van Zayd Ibn 'Amr en Salman al Farisi.

‹ Kleine Shirk Bekende Shirk voorbeelden ›