'Awrah van de man

De Islam heeft zowel voor de vrouwen als voor de mannen verschillende richtlijnen opgesteld. Zo dient de man ook bepaalde lichaamsdelen te bedekken.

Helaas wordt hier niet veel gehoor aan gegeven, want men geeft er tegenwoordig weinig waarde aan wat de man wel of niet bedekt.

De vrome voorgangers en de wetscholen van Islam geloven dat de 'awrah van de man tussen de navel en de knieën is. Dit geldt voor zowel in als buiten het gebed. Er zijn wat meningsverschillen ontstaan over of de dijen tot de 'awrah behoren. Ook hierover is duidelijkheid geboden.

Zijn de dijen 'awrah?

Hier is een meningsverschil over ontstaan. Dat komt vooral door zij die ná de vrome voorgangers van Islam kwamen. Deze zijn de latere Maliki-geleerden en Ibn Hazm.

De waarheid over de kwestie is dat de dijen onder 'awrah vallen. Door sommige overleveringen die elkaar lijken tegen te spreken, kregen sommigen hier twijfels over. De vrome voorgangers waren het er uiteindelijk over eens dat de dijen onder 'awrah vallen. Zij gebruikten voornamelijk de overlevering van Jarhad.

Jarhad overleverde: De Boodschapper van Allah (ﷺ) zat bij ons en mijn dij was onbedekt. De Boodschapper van Allah (ﷺ) zei: "Weet je niet dat de dij 'awrah is?" [Sunan Abi Dawud 4014, Kitab al-Hammam, Hoofdstuk: Het verbod op naaktheid]

Jarhad overleverde: De Boodschapper van Allah (ﷺ) passeerde mij toen ik in de moskee was terwijl mijn dij was blootgelegd. Hij zei toen tegen mij: "De dij is 'awrah." [Sunan Tirmidhi 2795, Manieren, Hoofdstuk: Over de dij die deel uitmaakt van de 'awrah]

Zij die geloven dat de dijen geen 'awrah zijn

Sommigen gebruiken overleveringen om aan te duiden dat de dijen niet onder 'awrah vallen. Zo gebruiken ze bijvoorbeeld de overlevering van Anas ibn Malik. Deze geeft aan dat de dij van de Profeet (ﷺ) werd blootgelegd. Dit kan niet als bewijs gebruikt worden omdat dit verschillende interpretaties kan hebben.

Anas ibn Malik overleverde: De Profeet (ﷺ) reed en Abu Talha reed ook en ik reed achter Abu Talha. Mijn knie raakte de dij van de Profeet (ﷺ) toen hij voorbij reed. De Profeet (ﷺ) ontblootte zijn dij totdat ik de witheid van zijn dij zag. [Sahih al-Bukhari 371]

Een andere overlevering die wordt gebruikt, is van Zayd ibn Thabit. De dij van de Profeet (ﷺ) viel op de dij van Zayd ibn Thabit. Dit is een ongeldige argument omdat het door een overheersende kalmte kwam die de Profeet (ﷺ) overtrof tijdens het krijgen van revelatie.

Zayd ibn Thabit overleverde: Ik zat naast de Profeet, vrede en zegeningen zij met hem, op een dag toen de openbaring tot hem kwam. De Profeet werd overmand door kalmte en zijn dij viel op mijn dij toen de rust hem overviel. Bij Allah, ik heb nog nooit iets zwaarders gevonden dan de dij van de Boodschapper van Allah, toen werd hij ervan verlost. De Profeet zei: "Schrijf, o Zayd." Ik nam een schouderbeen en de Profeet zei: "Schrijf: Niet gelijk zijn degenen die achterblijven en degenen die jihad voeren onder de gelovigen," tot het einde van het vers, "... een grote beloning," (4:95). Dus ik schreef dat op een schouderbeen (bot). [Musnad Ahmad 21156]

Anderen gebruiken ook de overlevering van 'Aicha, waarin werd verteld dat de Profeet (ﷺ) zijn scheen of dij ontbloot in het bijzijn van Abu Bakr en Umar, maar het vervolgens bedekte bij Uthman.

Deze overlevering bevat onduidelijkheid over of het om de dij of scheen ging. Hierdoor is het niet mogelijk dit als bewijs te gebruiken.

'Aicha overleverde: De Profeet (ﷺ) lag in het bed in mijn appartement met zijn dij of scheen onbedekt en Abu Bakr vroeg toestemming om binnen te komen. Het werd hem gegeven en hij sprak met hem in dezelfde staat (de dij of scheen van de Profeet onbedekt). Toen vroeg 'Umar toestemming om binnen te komen en het werd hem gegeven en hij sprak in diezelfde staat. Toen vroeg `Uthman toestemming om binnen te komen; de Profeet (ﷺ) ging zitten en corrigeerde zijn kleding. Hij ('Uthman) ging toen naar binnen en sprak en toen hij naar buiten ging. 'Aicha toen: Abu Bakr kwam binnen en je bewoog niet en corrigeerde je kleren niet, toen 'Umar binnenkwam en je bewoog niet en corrigeerde je kleren niet, maar toen kwam 'Uthman binnenkwam bewoog je en corrigeerde je je kleren. De Profeet (ﷺ) antwoordde: "Moet ik geen bescheidenheid tonen aan iemand waarvan zelfs de Engelen bescheidenheid tonen?" [Sahih Muslim 2401]

Imam Bukhari gaf hier meer duidelijkheid over. Hij neigde naar de mening dat de dijen onder 'awrah vallen. Dit is omdat de overleveringen daarover in overvloed zijn en een veiligere standpunt is.

بَاب مَا يُذْكَرُ فِي الفَخِذِ وَيُرْوَى عَنِ ابْنِ عَبَّاسٍ، وجَرْهَدٍ، ومُحَمَّدِ بْنِ جَحْشٍ رضي الله تعالى عنهم، عَنِ النَّبِيِّ ﷺ: الفَخِذُ عَوْرَةٌ ، وقَالَ أَنَسُ رضي الله تعالى عنه: «حَسَرَ النَّبِيُّ ﷺ عَنْ فَخِذِهِ» «وَحَدِيثُ أَنَسٍ أَسْنَدُ، وحَدِيثُ جَرْهَدٍ أَحْوَطُ حَتَّى مِنَ اخْتِلاَفِهِمْ»، وقَالَ أَبُو مُوسَى رضي الله تعالى عنه: غَطَّى النَّبِيُّ ﷺ رُكْبَتَيْهِ حِينَ دَخَلَ عُثْمَانُ ، وقَالَ زَيْدُ بْنُ ثَابِتٍ رضي الله عنه: أَنْزَلَ اللَّهُ عَلَى رَسُولِهِ ﷺ، وفَخِذُهُ عَلَى فَخِذِي، فَثَقُلَتْ عَلَيَّ حَتَّى خِفْتُ أَنْ تَرُضَّ فَخِذِي . Imam Bukhari zei: Het is overgeleverd op gezag van Ibn Abbas, Jarhad en Muhammad bin Jahsh, moge de Almachtige God tevreden met hen zijn, op gezag van de Profeet (ﷺ): "De dij is 'awrah." Anas, moge God tevreden met hem zijn, zei: "De Profeet (ﷺ) ontblootte zijn dij." De hadith van Anas is isnaad (sterker in keten) en de hadith van Jarhad is ahwaht (veiliger)." Abu Musa, moge God tevreden met hem zijn, zei: De Profeet, moge God hem zegenen en vrede schenken, bedekte zijn knieën toen Uthman binnenkwam. En Zaid bin Thabit, moge God tevreden met hem zijn, zei: God zond revelatie op Zijn Boodschapper, vrede en zegeningen zij met hem en zijn dij viel op mijn dij." [Inleiding van 'Hoofdstuk wat er over de dij wordt genoemd' in Sahih Bukhari]

De wetscholen zijn het erover eens dat de dijen onder 'awrah vallen en dat deze niet ontbloot mogen worden, in en buiten het gebed.

قال عبد اللَّه: سألت أبي عن الفخذ من العورة؟
قال: نعم، حديث جرهد عن النبي -صلى اللَّه عليه وسلم-: "الفخذ عورة"
"مسائل عبد اللَّه" (221) Imam Ahmad zei: "De dij is 'awrah. Dit is gevestid in de Hadith van Jarhad dat de Profeet (ﷺ) zei: "De dij is 'awrah"" [Masail Abdullah 221]

Zijn de knieën 'awrah?

De wetscholen zijn van mening dat de knieën niet tot de 'awrah behoren. De overleveringen duiden namelijk aan dat dit ontbloot werd en gezien kon worden.

De Hanafi madhab is wel van mening dat de knieën onder 'awrah vallen. Zij gebruiken een overlevering waarin staat dat de Profeet zei: "De knieën zijn 'awrah" (Sunan Daraqutni 878 en anderen), maar dit is een zwakke overlevering.

Er worden verschillende overleveringen gebruikt die aangeven dat de knieën geen 'awrah zijn. Deze staan in Sahih Bukhari.

Abu Musa overleverde: De Profeet (ﷺ) ging een tuin binnen en beval me de poort ervan te bewaken. Een man kwam en vroeg toestemming om binnen te komen. De Profeet (ﷺ) zei: "Laat hem toe en geef hem de blijde tijding dat hij het Paradijs binnengaat." Zie! Het was Aboe Bakr. Een andere man kwam en vroeg toestemming om binnen te komen. De Profeet (ﷺ) zei: "Laat hem toe en geef hem de blijde tijding dat hij het Paradijs binnengaat." Zie! Het was 'Omar. Toen kwam er een andere man, die toestemming vroeg om binnen te komen. De Profeet (ﷺ) zweeg een korte tijd en zei toen: "Laat hem toe en geef hem de blijde tijding dat hij het Paradijs binnengaat met een ramp die hem zal overkomen." Zie! Het was `Uthman bin `Affan. ('Asim, in een andere overlevering, zei dat de Profeet (ﷺ) op een plaats zat waar water was, en hij ontblootte zijn knieën of zijn knie, en toen 'Uthman binnenkwam bedekte hij het.) [Sahih al-Bukhari 3695]

Abu Darda overleverde: Terwijl ik met de Profeet zat, kwam Abu Bakr, tilde een hoek van zijn kledingstuk op en ontblootte zijn knie. De Profeet (ﷺ) zei toen: "Je metgezel heeft ruzie gehad." Abu Bakr begroette (de Profeet (ﷺ)) en zei: "O Boodschapper van Allah (ﷺ), er was iets (d.w.z. ruzie) tussen mij en de Zoon van Al-Khattab ('Umar). Ik sprak hem hard aan en kreeg daar toen spijt van, en vroeg hem om me te vergeven, maar hij weigerde. Daarom ben ik naar u toe gekomen." [Sahih al-Bukhari 3661]

Wetscholen over 'awrah van de man

De verschillende madhahib hebben de kwestie verduidelijkt. Zij beschreven in hun boeken van Fiqh de 'awrah van de man.

Hieronder zie je de beschrijvingen van de Maliki, Shafi'i en Hanbali wetscholen. Wij vinden dat de madhab van Imam Shafi'i de 'awrah van zowel de man als voor de vrouw het duidelijkst beschrijft.

Maliki madhab

قَالَ ابْنُ حَبِيبٍ: ويوضأ كما يتوضأ الحي، ويدخل الماء في فيه ثلاثا ويستر عورته من سرته إلى ركبتيه، Imam Ibn Habeeb al-Maliki zei: "Bij de dodenwassing wordt dezelfde wassing verricht als bij de woedoe. Daarna wordt er driemaal water over hem heen gegoten. De 'Awrah van de dode wordt bedekt, en dat is tussen de navel en knieën." [Al-Nawadir wa Ziyadat 1/543 van Ibn Abi Zayd al-Qayrawani]

Shafi'i madhab

قال الإمام الشافعي : «وعورة الرجل ما دون سرته إلى ركبتيه ، ليس سرته ولا ركبتاه من عورته» .
[الأم، باب الصلاة 1/ 109] Imam Shafi'i zei:
"De awrah van een man is datgene wat onder zijn navel tot zijn knieën is. Zijn navel, noch zijn knieën maken deel uit van de 'awrah (dus alleen wat ertussenin valt)."
[Al-Umm, hoofdstuk van het gebed 1/109 van Imam Shafi'i]

Hanbali madhab

قال أبو بكر بن محمد بن صدقة: سألت أبا عبد اللَّه أحمد بن حنبل عن السرة من العورة؟
فقال: أسفل السرة إلى الركبة عورة.
"طبقات الحنابلة" 1/ 156 Imam Ahmad zei: "De 'awrah van de man is onder de navel tot de knie." [Tabaqat al-Hanabilah 1/156]

Delen

Abu Athari schrijft over basisprincipes binnen de Islam. Hij zet zijn kritische en goed onderzochte wijze in om de correcte kennis te verspreiden.

Heb je vragen over de Islam?

Zit je met vragen waar je graag een antwoord op wilt krijgen? Stel jouw algemene of specifieke vraag over de Islam. We staan voor je klaar en geven je binnen 48 uur antwoord.

Vraag stellen